Chris in ‘STADWAGENINGEN’

geplaatst in: Zaalsport, Zwemmen | 0

“De stad Wageningen” heeft WAAG-vrijwilliger Chris Jansen geïnterviewd. Hieronder is het interview te lezen.

WAAG is een sportvereniging voor mensen met beperkingen. Er werken vele vrijwilligers. Chris Jansen (70) is één van de enthousiaste vrijwilliger die al vele jaren in de vereniging meedraait. Hij is begonnen als medewerker bij de zaalsporters en werd direct in het diepe gegooid. Hij draaide al snel volledig mee. Later kwamen er ook de zwem-badactiviteiten bij. Chris is nog steeds in beide categorieën behulpzaam.

In de loop der jaren heeft hij diverse veranderingen gezien. Waar eerst voornamelijk de zaalsport beoefend werd, is dat nu verschoven naar de zwemsport. Chris denkt daar wel een verklaring voor te hebben. Hij vertelt: “Niet iedereen kan zaalsport beoefenen. Zwemsport gaat veel makkelijker, omdat water je eigenlijk gewichtloos maakt waardoor leden ook hun lichaam beter kunnen activeren. Het warme water kan ook beter zijn voor de spieren. En mogelijk speelt ook een AWBZ-vergoeding een rol.”

Als vrijwilliger komt er wel iets bij kijken. Behalve als coördinator moet je vergaderen, jubilarissen huldigen, cursus-sen EHBO en reanimatie volgen en ergo-techniek kunnen ontwikkelen. Al gaat dat laatste vaak in samenwerking met Papendal waar vrijwilligers hun certificaten kunnen halen. Maar je moet ook een stukje karakter hebben, in die zin dat incasseringsvermogen, geduld en sociale vaardigheden wel nodig zijn.

We vragen aan Chris wat zijn vaardigheid is. Hier zegt hij het volgende over: “Ik denk dat ik geen gebreken zie. Ik neem de mensen zoals ze zijn en laat hen in hun waarde. Ik werk ook met ze en niet voor ze. Dat heb ik eigenlijk van mijn vader geleerd. Die was ook zo. De nieuwe groep waar we nu mee werken zijn kinderen. Soms hebben ze grote angst voor water of om aangeraakt te worden. Dan doen we het op hun tempo en we luisteren goed naar hun ouders/verzorgers. Want de kans bestaat dat je anders niet het goede doet uit onwetendheid. Dat proberen wij te voorkomen. Ik krijg, voor het werk dat ik doe, zo veel terug aan vreugde en energie. Want plezier en vreugde moeten wel voor op staan.”